Statenvertaling.nl

sample header image

1 Johannes 3 – Statenvertaling

Op deze pagina kunt u de Statenvertaling met kanttekeningen online raadplegen in de editie van de GBS (Gereformeerde Bijbelstichting).

Bijbelboek:    

Hoofdstuk: 1 2 3 4 5
Inleiding Bijbelboek
Weergave: Met kanttekeningenParallelZonder kanttekeningenAlleen Bijbeltekst

1 Johannes 3

Dit hoofdstuk voorgelezen (v):

 

Gerechtigheid en broederliefde de kenmerken van het kindschap Gods
1 ZIETa hoe grote liefde ons de Vader gegeven heeft, namelijk dat wij kinderen Gods genaamd zouden worden. Daarom kent ons de wereld niet, omdat zij Hem niet kent. a Joh. 1:12. verwijsteksten
2 Geliefden, bnu zijn wij kinderen Gods, cen het is nog niet geopenbaard wat wij zijn zullen. dMaar wij weten dat als Hij zal geopenbaard zijn, wij Hem zullen gelijk wezen; want wij zullen Hem zien gelijk Hij is. b Jes. 56:5. Joh. 1:12. Rom. 8:15. Gal. 3:26; 4:6. c Matth. 5:12. Rom. 8:18. 2 Kor. 4:17. d Filipp. 3:21. Kol. 3:4. verwijsteksten
3 En een iegelijk die deze hoop op Hem heeft, die reinigt zichzelven, gelijk Hij rein is.
4 Een iegelijk die de zonde doet, die doet ook de ongerechtigheid; ewant de zonde is de ongerechtigheid. e 1 Joh. 5:17. verwijsteksten
5 fEn gij weet dat Hij geopenbaard is, opdat Hij onze zonden zou wegnemen; gen geen zonde is in Hem. f Jes. 53:12. 1 Tim. 1:15. g Jes. 53:9. 2 Kor. 5:21. 1 Petr. 2:22. verwijsteksten
6 Een iegelijk die in Hem blijft, die zondigt niet; een iegelijk die zondigt, die heeft Hem niet gezien en heeft Hem niet gekend.
7 Kinderkens, dat u niemand verleide. hDie de rechtvaardigheid doet, die is rechtvaardig, gelijk Hij rechtvaardig is. h 1 Joh. 2:29. verwijsteksten
8 Die de zonde doet, is uit den duivel, want de duivel zondigt van den beginne. Hiertoe is de Zone Gods geopenbaard, opdat Hij de werken des duivels verbreken zou.
9 iEen iegelijk die uit God geboren is, die doet de zonde niet; kwant Zijn zaad blijft in hem; en hij kan niet zondigen, want hij is uit God geboren. i 1 Joh. 5:18. k 1 Petr. 1:23. verwijsteksten
10 Hierin zijn de kinderen Gods en de kinderen des duivels openbaar. Een iegelijk die de rechtvaardigheid niet doet, die is niet uit God, en die zijn broeder niet liefheeft.
11 Want dit is de verkondiging die gij van den beginne gehoord hebt, ldat wij elkander zouden liefhebben. l vers 23. Joh. 13:34; 15:12. verwijsteksten
12 Niet gelijk mKaïn, die uit den boze was en zijn broeder doodsloeg. En om wat oorzaak sloeg hij hem dood? nOmdat zijn werken boos waren, en die van zijn broeder rechtvaardig. m Gen. 4:8. n Hebr. 11:4. verwijsteksten
13 oVerwondert u niet, mijne broeders, zo u de wereld haat. o Joh. 15:18. verwijsteksten
14 pWij weten dat wij overgegaan zijn uit den dood in het leven, dewijl wij de broeders liefhebben. Die zijn broeder niet liefheeft, blijft in den dood. p 1 Joh. 2:10. verwijsteksten
15 Een iegelijk die zijn broeder haat, is een doodslager; qen gij weet dat geen doodslager het eeuwige leven heeft in zich blijvende. q Matth. 5:21. Gal. 5:21. verwijsteksten
16 rHieraan hebben wij de liefde gekend, dat Hij Zijn leven voor ons gesteld heeft; en wij zijn schuldig voor de broeders het leven te stellen. r Joh. 15:13. Ef. 5:2. verwijsteksten
17 sZo wie nu het goed der wereld heeft, en ziet zijn broeder gebrek hebben, en sluit zijn hart toe voor hem, hoe blijft de liefde Gods in hem? s Deut. 15:7. Luk. 3:11. Jak. 2:15. verwijsteksten
 
Vrijmoedigheid tot God
18 Mijne kinderkens, laat ons niet liefhebben met het woord, noch met de tong, maar met de daad en waarheid.
19 En hieraan kennen wij dat wij uit de waarheid zijn, en wij zullen onze harten verzekeren voor Hem.
20 Want indien ons hart ons veroordeelt, God is meerder dan ons hart, en Hij kent alle dingen.
21 Geliefden, indien ons hart ons niet veroordeelt, zo hebben wij vrijmoedigheid tot God,
22 tEn zo wat wij bidden, ontvangen wij van Hem, dewijl wij Zijn geboden bewaren en doen hetgeen behaaglijk is voor Hem. t Jer. 29:12. Matth. 7:8; 21:22. Mark. 11:24. Luk. 11:9. Joh. 14:13; 16:24. Jak. 1:5. 1 Joh. 5:14. verwijsteksten
23 vEn dit is Zijn gebod, dat wij geloven in den Naam van Zijn Zoon Jezus Christus, xen elkander liefhebben, gelijk Hij ons een gebod gegeven heeft. v Joh. 6:29; 17:3. x Lev. 19:18. Matth. 22:39. Joh. 13:34; 15:12. Ef. 5:2. 1 Thess. 4:9. 1 Petr. 4:8. 1 Joh. 4:21. verwijsteksten
24 yEn die Zijn geboden bewaart, blijft in Hem, en Hij in denzelven. En hieraan kennen wij dat Hij in ons blijft, namelijk uit den Geest, Dien Hij ons gegeven heeft. y Joh. 14:23; 15:10. 1 Joh. 4:12. verwijsteksten

Einde 1 Johannes 3