Statenvertaling.nl

sample header image

Jakobus 1 – Statenvertaling

Op deze pagina kunt u de Statenvertaling met kanttekeningen online raadplegen in de editie van de GBS (Gereformeerde Bijbelstichting).

Bijbelboek:    

Hoofdstuk: 1 2 3 4 5
Inleiding Bijbelboek
Weergave: Met kanttekeningenParallelZonder kanttekeningenAlleen Bijbeltekst

Jakobus 1

Dit hoofdstuk voorgelezen (m):

 

Opschrift
1 JAKOBUS, een dienstknecht van God en van den Heere JEZUS CHRISTUS, aan de twaalf stammen adie in de verstrooiing zijn: Zaligheid. a Hand. 8:1. 1 Petr. 1:1. verwijsteksten
 
De zegen van de geloofsbeproeving
2 bAcht het voor grote vreugde, mijne broeders, wanneer gij in velerlei verzoekingen valt; b Matth. 5:11. Rom. 5:3. 1 Petr. 1:6. verwijsteksten
3 cWetende dat de beproeving uws geloofs lijdzaamheid werkt. c Rom. 5:3. 1 Petr. 1:7. verwijsteksten
4 Doch de lijdzaamheid hebbe een volmaakt werk, opdat gij moogt volmaakt zijn en geheel oprecht, in geen ding gebrekkelijk.
5 dEn indien iemand van u wijsheid ontbreekt, dat hij ze van God begere, Die een iegelijk mildelijk geeft, en niet verwijt; en ezij zal hem gegeven worden. d Spr. 2:3. e Jer. 29:12. Matth. 7:7; 21:22. Mark. 11:24. Joh. 16:24. 1 Joh. 3:22; 5:14. verwijsteksten
6 Maar dat hij ze begere in geloof, niet twijfelende; want die twijfelt, is een baar der zee gelijk, die van den wind gedreven en op en neder geworpen wordt.
7 Want die mens mene niet dat hij iets ontvangen zal van den Heere.
8 Een dubbelhartig man is ongestadig in al zijn wegen.
9 Maar de broeder die nederig is, roeme in zijn hoogheid;
10 En de rijke in zijn vernedering; want hij zal als een bloem van het gras voorbijgaan.
11 fWant de zon is opgegaan met de hitte, en heeft het gras dor gemaakt, en zijn bloem is afgevallen, en de schone gedaante haars aanschijns is vergaan; alzo zal ook de rijke in zijn wegen verwelken. f Jes. 40:6. 1 Kor. 7:31. Jak. 4:14. 1 Petr. 1:24. 1 Joh. 2:17. verwijsteksten
12 gZalig is de man die verzoeking verdraagt; want als hij beproefd zal geweest zijn, zal hij hde kroon des levens ontvangen, welke de Heere ibeloofd heeft dengenen die Hem liefhebben. g Job 5:17. h 2 Tim. 4:8. 1 Petr. 5:4. Openb. 2:10. i Matth. 10:22; 19:28, 29. verwijsteksten
13 Niemand, als hij verzocht wordt, zegge: Ik word van God verzocht. Want God kan niet verzocht worden met het kwade, en Hij Zelf verzoekt niemand.
14 Maar een iegelijk wordt verzocht als hij van zijn eigen begeerlijkheid afgetrokken en verlokt wordt.
15 Daarna de begeerlijkheid, ontvangen hebbende, baart zonde; en de zonde voleindigd zijnde, baart den dood.
16 Dwaalt niet, mijn geliefde broeders.
17 kAlle goede gave en alle volmaakte gift is van boven, van den Vader der lichten afkomende, lbij Welken geen verandering is of schaduw van omkering. k Spr. 2:6. 1 Kor. 4:7. l Jes. 14:27; 46:10. Mal. 3:6. Rom. 11:29. verwijsteksten
18 mNaar Zijn wil heeft Hij ons gebaard door het Woord der waarheid, opdat wij zouden zijn als eerstelingen Zijner schepselen. m 1 Kor. 4:15. Gal. 4:19. 1 Petr. 1:23. verwijsteksten
 
Horen en doen
19 Zo dan, mijn geliefde broeders, neen iegelijk mens zij ras om te horen, traag om te spreken, traag tot toorn; n Spr. 17:27. Pred. 5:1. verwijsteksten
20 Want de toorn des mans werkt Gods gerechtigheid niet.
21 oDaarom, afgelegd hebbende alle vuiligheid en overvloed van boosheid, ontvangt met zachtmoedigheid het Woord dat in u geplant wordt, hetwelk uw zielen kan zalig maken. o Rom. 13:12. Kol. 3:8. verwijsteksten
22 pEn zijt daders des Woords, en niet alleen hoorders, uzelven met valse overlegging bedriegende. p Matth. 7:21. Luk. 11:28. Rom. 2:13. 1 Joh. 3:7. verwijsteksten
23 qWant zo iemand een hoorder is des Woords en niet een dader, die is een man gelijk, welke zijn aangeboren aangezicht bemerkt in een spiegel; q Luk. 6:47. verwijsteksten
24 Want hij heeft zichzelven bemerkt, en is weggegaan, en heeft terstond vergeten hoedanig hij was.
25 rMaar die inziet in de volmaakte wet, die der vrijheid is, en daarbij blijft, deze geen vergetelijk hoorder geworden zijnde, maar een dader des werks, deze, zeg ik, zal gelukzalig zijn in dit zijn doen. r Matth. 5:19. verwijsteksten
26 sIndien iemand onder u dunkt dat hij godsdienstig is, en zijn tong niet in toom houdt, maar zijn hart verleidt, dezes godsdienst is ijdel. s Ps. 34:14. Jak. 3:6. 1 Petr. 3:10. verwijsteksten
27 De zuivere en onbevlekte godsdienst voor God en den Vader is deze: wezen en weduwen bezoeken in hun verdrukking, en zichzelven onbesmet bewaren van de wereld.

Einde Jakobus 1