Psalm 2 – Statenvertaling met kanttekeningen

Statenvertaling.nl

sample header image

Psalm 2 – Statenvertaling

Op deze pagina kunt u de Statenvertaling met kanttekeningen online raadplegen in de editie van de GBS (Gereformeerde Bijbelstichting).

Bijbelboek:    

Hoofdstuk: 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46 47 48 49 50 51 52 53 54 55 56 57 58 59 60 61 62 63 64 65 66 67 68 69 70 71 72 73 74 75 76 77 78 79 80 81 82 83 84 85 86 87 88 89 90 91 92 93 94 95 96 97 98 99 100 101 102 103 104 105 106 107 108 109 110 111 112 113 114 115 116 117 118 119 120 121 122 123 124 125 126 127 128 129 130 131 132 133 134 135 136 137 138 139 140 141 142 143 144 145 146 147 148 149 150
Inleiding Bijbelboek
Weergave: Met kanttekeningenParallelZonder kanttekeningenAlleen Bijbeltekst

Psalm 2

Dit hoofdstuk voorgelezen (m):

 

Het Rijk van den Messías
1 WAAROMa woeden de heidenen, en bedenken de volken ijdelheid? a Hand. 4:25. verwijsteksten
2 De koningen der aarde stellen zich op, en de vorsten beraadslagen tezamen, tegen den HEERE en tegen Zijn Gezalfde, zeggende:
3 Laat ons Hun banden verscheuren en Hun touwen van ons werpen.
4 Die in den hemel woont, zal lachen; de Heere zal hen bespotten.
5 Dan zal Hij tot hen spreken in Zijn toorn, en in Zijn grimmigheid zal Hij hen verschrikken.
6 Ik toch heb Mijn Koning gezalfd over Sion, den berg Mijner heiligheid.
7 Ik zal van het besluit verhalen: de HEERE heeft tot Mij gezegd: bGij zijt Mijn Zoon, heden heb Ik U gegenereerd. b Hand. 13:33. Hebr. 1:5; 5:5. verwijsteksten
8 Eis van Mij, cen Ik zal de heidenen geven tot Uw erfdeel, en de einden der aarde tot Uw bezitting. c Ps. 22:28; 72:8. verwijsteksten
9 dGij zult hen verpletteren met een ijzeren scepter, Gij zult hen in stukken slaan als een pottenbakkersvat. d Openb. 2:27; 19:15. verwijsteksten
10 Nu dan, gij koningen, handelt verstandiglijk; laat u tuchtigen, gij rechters der aarde.
11 Dient den HEERE met vreze, en verheugt u met beving.
12 Kust den Zoon, opdat Hij niet toorne, en gij op den weg vergaat, wanneer Zijn toorn maar een weinig zou ontbranden. eWelgelukzalig zijn allen die op Hem betrouwen. e Ps. 34:9. Spr. 16:20. Jes. 30:18. Jer. 17:7. Rom. 9:33; 10:11. 1 Petr. 2:6. verwijsteksten

Einde Psalm 2