Statenvertaling.nl

sample header image

Numeri 8 – Statenvertaling

Op deze pagina kunt u de Statenvertaling met kanttekeningen online raadplegen in de editie van de GBS (Gereformeerde Bijbelstichting).

Bijbelboek:    

Hoofdstuk: 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36
Inleiding Bijbelboek
Weergave: Met kanttekeningenParallelZonder kanttekeningenAlleen Bijbeltekst

Numeri 8

Dit hoofdstuk voorgelezen (v):

 

Het aansteken der lampen
1 EN de HEERE sprak tot Mozes, zeggende:
2 Spreek tot Aäron en zeg tot hem: Als gij de lampen aansteken zult, arecht tegenover den kandelaar zullen de zeven lampen lichten. a Ex. 25:37. verwijsteksten
3 En Aäron deed alzo; tegenover vóór aan den kandelaar stak hij deszelfs lampen aan, gelijk als de HEERE Mozes geboden had.
4 Dit werk nu des kandelaars was van bdicht goud, tot zijn schacht, tot zijn bloemen was het dicht; naar de gedaante die de HEERE Mozes vertoond had, alzo had hij den kandelaar gemaakt. b Ex. 25:31. verwijsteksten
 
De reiniging der Levieten
5 En de HEERE sprak tot Mozes, zeggende:
6 Neem de Levieten uit het midden der kinderen Israëls, en reinig hen.
7 En aldus zult gij hun doen om hen te reinigen: spreng op hen water der ontzondiging; en zij zullen het scheermes over hun ganse vlees doen gaan en zullen hun klederen wassen en zich reinigen.
8 Daarna zullen zij nemen een var, een jong rund, met zijn spijsoffer van meelbloem, met olie gemengd; en een anderen var, een jong rund, zult gij nemen ten zondoffer.
9 En gij zult de Levieten vóór de tent der samenkomst doen naderen; en gij zult de gehele vergadering der kinderen Israëls doen verzamelen.
10 Ja, gij zult de Levieten voor het aangezicht des HEEREN doen naderen; en de kinderen Israëls zullen hun handen op de Levieten leggen.
11 En Aäron zal de Levieten bewegen ten beweegoffer voor het aangezicht des HEEREN, vanwege de kinderen Israëls; opdat zij zijn om den dienst des HEEREN te bedienen.
12 En de Levieten zullen hun handen op het hoofd der varren leggen; daarna, bereid gij een ten zondoffer en een ten brandoffer den HEERE, om over de Levieten verzoening te doen.
13 En gij zult de Levieten stellen voor het aangezicht van Aäron en voor het aangezicht zijner zonen, en gij zult hen bewegen ten beweegoffer den HEERE.
14 En gij zult de Levieten uit het midden van de kinderen Israëls uitscheiden, opdat de Levieten cMijne zijn. c Num. 3:45. verwijsteksten
15 En daarna zullen de Levieten inkomen om de tent der samenkomst te bedienen; en gij zult hen reinigen en zult hen ten beweegoffer bewegen.
16 Want zij zijn gegeven, zij zijn Mij gegeven uit het midden der kinderen Israëls; voor de opening van alle baarmoeder, voor de eerstgeborene van een ieder uit de kinderen Israëls heb Ik hen Mij genomen.
17 Want dalle eerstgeborene onder de kinderen Israëls is Mijne, onder de mensen en onder de beesten; ten dage dat Ik alle eerstgeboorte in Egypteland sloeg, heb Ik dezelve Mij geheiligd. d Ex. 13:2; 22:29; 34:19. Lev. 27:26. Num. 3:13. Luk. 2:23. verwijsteksten
18 eEn Ik heb de Levieten genomen voor alle eerstgeborenen onder de kinderen Israëls, e Num. 3:12. verwijsteksten
19 En Ik heb de Levieten aan Aäron en aan zijn zonen tot een gift gegeven uit het midden van de kinderen Israëls, om den dienst der kinderen Israëls in de tent der samenkomst te bedienen, en om voor de kinderen Israëls verzoening te doen, dat er geen plaag zij onder de kinderen Israëls, als de kinderen Israëls tot het heiligdom naderen zouden.
20 En Mozes deed, en Aäron en de ganse vergadering der kinderen Israëls, aan de Levieten; naar alles wat de HEERE Mozes geboden had van de Levieten, zo deden de kinderen Israëls aan hen.
21 En de Levieten ontzondigden zich en wiesen hun klederen, en Aäron bewoog hen ten beweegoffer voor het aangezicht des HEEREN; en Aäron deed verzoening over hen om hen te reinigen.
22 En daarna kwamen de Levieten om hun dienst te bedienen in de tent der samenkomst, voor het aangezicht van Aäron en voor het aangezicht zijner zonen; gelijk als de HEERE Mozes van de Levieten geboden had, alzo deden zij aan hen.
23 En de HEERE sprak tot Mozes, zeggende:
24 Dit is het wat de Levieten aangaat: van vijf en twintig jaar oud en daarboven zullen zij inkomen om den strijd te strijden in den dienst van de tent der samenkomst.
25 Maar van dat hij vijftig jaar oud is, zal hij van den strijd van dezen dienst afgaan, en hij zal niet meer dienen,
26 Doch zal hij met zijn broederen dienen in de tent der samenkomst om de wacht waar te nemen; maar den dienst zal hij niet bedienen. Alzo zult gij aan de Levieten doen in hun wachten.

Einde Numeri 8