Statenvertaling.nl

sample header image

Ezechiël 2 – Statenvertaling

Op deze pagina kunt u de Statenvertaling met kanttekeningen online raadplegen in de editie van de GBS (Gereformeerde Bijbelstichting).

Bijbelboek:    

Hoofdstuk: 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46 47 48
Inleiding Bijbelboek
Weergave: Met kanttekeningenParallelZonder kanttekeningenAlleen Bijbeltekst

Ezechiël 2

Dit hoofdstuk voorgelezen (v):

 

De zending van Ezechiël
1 EN Hij zeide tot mij: Mensenkind, sta op uw voeten en Ik zal met u spreken.
2 aZo kwam in mij, als Hij tot mij sprak, de Geest, Die mij stelde op mijn voeten; en ik hoorde Dien Die tot mij sprak. a Ez. 3:24. Dan. 10:10. verwijsteksten
3 En Hij zeide tot mij: Mensenkind, Ik zend u tot de kinderen Israëls, tot de rebellerende volken, die tegen Mij gerebelleerd hebben; bzij en hun vaderen hebben overtreden tegen Mij tot op dezen zelven huidigen dag. b Jer. 3:25. verwijsteksten
4 En deze kinderen zijn hard van aangezicht en stijf van hart; Ik zend u tot hen, en gij zult tot hen zeggen: Zo zegt de Heere HEERE.
5 En zij, hetzij dat zij het horen zullen, of hetzij dat zij het laten zullen (want zij zijn een wederspannig huis), czo zullen zij weten dat een profeet in het midden van hen geweest is. c Ez. 33:33. verwijsteksten
6 En gij, mensenkind, dvrees niet voor hen en vrees niet voor hun woorden; hoewel wederwilligen en doornen bij u zijn, en gij bij schorpioenen woont; vrees voor hun woorden niet, een ontzet u niet voor hun aangezicht, want zij zijn een wederspannig huis. d Jer. 1:8, 17. Luk. 12:4. e Ez. 3:9. 1 Petr. 3:14. verwijsteksten
7 Maar gij zult Mijn woorden tot hen spreken, hetzij dat zij horen zullen, of hetzij dat zij het laten zullen; want zij zijn wederspannig.
8 Doch gij, mensenkind, hoor hetgeen dat Ik tot u spreek; wees gij niet wederspannig, gelijk dat wederspannig huis; open uw mond fen eet wat Ik u geef. f Openb. 10:9. verwijsteksten
9 Toen zag ik, en zie, er was een hand tot mij uitgestoken; en zie, daarin was de rol eens boeks.
10 En Hij spreidde die voor mijn aangezicht uit; en zij was beschreven, voor en achter, en daarin waren geschreven klaagliederen en zuchting en wee.

Einde Ezechiël 2