Statenvertaling.nl

sample header image

Exodus 36 – Statenvertaling

Op deze pagina kunt u de Statenvertaling met kanttekeningen online raadplegen in de editie van de GBS (Gereformeerde Bijbelstichting).

Bijbelboek:    

Hoofdstuk: 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40
Inleiding Bijbelboek
Weergave: Met kanttekeningenParallelZonder kanttekeningenAlleen Bijbeltekst

Exodus 36

Dit hoofdstuk voorgelezen (m):

 

De stof die van de kinderen Israëls ten hefoffer tot het maken van den tabernakel gebracht was, wordt Bezaleël en Aholiab overhandigd, vs. 1, enz. Het volk wordt verboden meer te brengen, 5. De werkmeesters maken alles wat tot den tabernakel behoort, als gordijnen met cherubs, 8. De gordijnen van geitenhaar, 14. De deksels van ramsvellen en dassenvellen, 19. De berderen, hun houvasten, en de richels, den voorhang, 20, enz.
 
De bouw van den tabernakel
1 TOEN wrocht Bezáleël en Ahóliab, en alle man die wijs van hart was, in dewelke de HEERE wijsheid en verstand gegeven had, om te weten hoe zij maken zouden alle werk ten dienste des heiligdoms, naar alles wat de HEERE geboden had.
2 Want Mozes had geroepen Bezáleël en Ahóliab, en allen man die wijs van hart was, in wiens hart God wijsheid gegeven had, al wiens hart hem bewogen had dat hij toetrad tot het werk om dat te maken.
3 Zij dan namen van voor het aangezicht van Mozes het ganse 1hefoffer, hetwelk de kinderen Israëls gebracht hadden tot het werk van den dienst des heiligdoms, om dat te maken; doch zij brachten tot hem nog 2allen morgen vrijwillig offer.
1 Als goud, zilver, koper, enz.
2 Hebr. in den morgen in den morgen.
 
4 Derhalve kwamen alle wijzen, die al het werk des heiligdoms maakten, 3ieder man van zijn werk hetwelk zij maakten;
3 Hebr. man man.
 
5 En zij spraken tot Mozes, zeggende: 4Het volk brengt te veel; meer dan genoeg is ten dienste des werks hetwelk de HEERE te maken geboden heeft.
4 Hebr. Het volk vermenigvuldigt te brengen, of: Vermenigvuldigende brengt het volk.
 
6 Toen gebood Mozes dat men 5een stem zou laten gaan door het leger, zeggende: Man noch vrouw 6make enig werk meer ten hefoffer des heiligdoms. Alzo werd het volk teruggehouden van meer te brengen.
5 Dat is, een gebod, uitroeping, proclamatie, plakkaat.
6 Dat is, bereide geen stof meer tot dit werk.
 
7 Want 7der stof was 8denzelven genoeg tot het gehele werk dat te maken was, ja, er was overig.
7 Hebr. des werks, dat is, der stof of materie tot het werk, als vers 6. verwijsteksten
8 Te weten den kunstigen werkmeester.
 
8 Alzo maakte een ieder wijze van hart, onder degenen die het werk maakten, den 9tabernakel van tien gordijnen, van getweernd fijn linnen en hemelsblauw en purper en scharlaken met cherubs; van het allerkunstelijkste werk maakte hij ze.
9 De tabernakel is eerst gemaakt, ofschoon Exodus 25 de ark, de tafel, en de kandelaar vóór den tabernakel genoemd worden, want in denzelven moest al het gereedschap staan. verwijsteksten
 
9 aDe lengte ener gordijn was van acht en twintig ellen en de breedte ener gordijn van vier ellen; al deze gordijnen hadden 10één maat.
a Ex. 26:2. verwijsteksten
10 Zo in de breedte als in de lengte.
 
10 En hij voegde vijf gordijnen, de ene aan de andere, en hij voegde andere vijf gordijnen, de ene aan de andere.
11 bDaarna maakte hij striklisjes van hemelsblauw aan den kant ener gordijn, aan het uiterste in de samenvoeging; hij deed het ook aan den uitersten kant der tweede samenvoegende gordijn.
b Ex. 26:4. verwijsteksten
 
12 cVijftig striklisjes maakte hij aan de ene gordijn en vijftig striklisjes maakte hij aan het uiterste der gordijn dat aan de tweede samenvoegende was; ddeze striklisjes vatten de ene aan de andere.
c Ex. 26:10. verwijsteksten
d Ex. 26:5. verwijsteksten
 
13 eHij maakte ook vijftig gouden haakjes, en voegde de gordijnen tezamen, de ene aan de andere, met deze haakjes, dat het één tabernakel werd.
e Ex. 26:6. verwijsteksten
 
14 Verder maakte hij gordijnen van geitenhaar tot 11een tent over den tabernakel; van elf gordijnen maakte hij ze.
11 Tent betekent hier zoveel als een dak of deksel.
 
15 De lengte ener gordijn was dertig ellen en vier ellen de breedte ener gordijn; deze elf gordijnen hadden één maat.
16 En hij voegde vijf gordijnen tezamen bijzonder, wederom zes dezer gordijnen bijzonder.
17 En hij maakte vijftig striklisjes aan den kant van de gordijn, de uiterste in de samenvoeging; hij maakte ook vijftig striklisjes aan den kant van de gordijn der andere samenvoeging.
18 fHij maakte ook vijftig koperen haakjes, om de tent tezamen te voegen, dat zij één ware.
f Ex. 26:11. verwijsteksten
 
19 gOok maakte hij voor de tent een deksel van roodgeverfde ramsvellen, en daarover een deksel van dassenvellen.
g Ex. 26:14. verwijsteksten
 
20 hHij maakte ook aan den tabernakel berderen van staand sittimhout.
h Ex. 26:15. verwijsteksten
 
21 iDe lengte van een berd was tien ellen, en een el en een halve el was de breedte van elk berd.
i Ex. 26:16. verwijsteksten
 
22 kTwee 12houvasten had een berd, als sporten in een ladder gezet, het ene nevens het andere; alzo maakte hij het met al de berderen des tabernakels.
k Ex. 26:17. verwijsteksten
12 Hebr. handen.
 
23 lHij maakte ook de berderen tot den tabernakel; twintig berderen naar de zuidzijde zuidwaarts.
l Ex. 26:18. verwijsteksten
 
24 mEn hij maakte veertig zilveren voeten onder de twintig berderen; twee voeten onder een berd aan zijn twee houvasten, en twee voeten onder een ander berd aan zijn twee houvasten.
m Ex. 26:19. verwijsteksten
 
25 nHij maakte ook twintig berderen aan de andere zijde des tabernakels, aan den noorderhoek,
n Ex. 26:20. verwijsteksten
 
26 oMet hun veertig zilveren voeten: twee voeten onder een berd en twee voeten onder een ander berd.
o Ex. 26:21. verwijsteksten
 
27 pDoch aan de zijden des tabernakels tegen het westen maakte hij zes berderen.
p Ex. 26:22. verwijsteksten
 
28 qOok maakte hij twee berderen tot hoekberderen des tabernakels aan de beide zijden.
q Ex. 26:23. verwijsteksten
 
29 rEn zij waren van beneden als tweelingen samengevoegd, zij waren ook als tweelingen aan deszelfs oppereinde samengevoegd met één ring; alzo deed hij met die beide, aan de twee hoeken.
r Ex. 26:24. verwijsteksten
 
30 sAlzo waren er acht berderen met hun zilveren voeten, zijnde zestien voeten: 13twee voeten onder elk berd.
s Ex. 26:25. verwijsteksten
13 Hebr. twee voeten, twee voeten onder een berd.
 
31 tHij maakte ook richels van sittimhout: vijf aan de berderen der ene zijde des tabernakels,
t Ex. 26:26. verwijsteksten
 
32 En vvijf richels aan de berderen van de andere zijde des tabernakels; alsook vijf richels aan de berderen des tabernakels aan de beide zijden westwaarts.
v Ex. 26:27. verwijsteksten
 
33 xEn hij maakte de middelste richel doorschietende in het midden der berderen, van het ene einde tot het andere einde.
x Ex. 26:28. verwijsteksten
 
34 yEn hij overtrok de berderen met goud, en hun ringen (de plaatsen voor de richels) maakte hij van goud; de richels overtrok hij ook met goud.
y Ex. 26:29. verwijsteksten
 
35 Daarna zmaakte hij 14een voorhang van hemelsblauw en purper en scharlaken en fijn getweernd linnen; van het allerkunstelijkste werk maakte hij denzelven met cherubs.
z Ex. 26:31. verwijsteksten
14 Deze voorhang maakte een onderscheid tussen het heilige en het heilige der heiligen.
 
36 aEn hij maakte daartoe vier pilaren van sittimhout, die hij overtrok met goud; hun haken waren van goud, en hij goot voor dezelve vier zilveren voeten.
a Ex. 26:32. verwijsteksten
 
37 bHij maakte ook aan de deur der tent 15een deksel van hemelsblauw en purper en scharlaken en fijn getweernd linnen, geborduurd werk,
b Ex. 26:36. verwijsteksten
15 Dit was een ander deksel, verscheiden van den voorhang vers 35. verwijsteksten
 
38 cEn de vijf pilaren daarvan, en hun haken; en hij overtrok hun hoofden en hun banden met goud; en hun vijf voeten waren van koper.
c Ex. 26:37. verwijsteksten

Einde Exodus 36