Statenvertaling.nl

sample header image

1 Timotheüs 6 – Statenvertaling

Op deze pagina kunt u de Statenvertaling met kanttekeningen online raadplegen in de editie van de GBS (Gereformeerde Bijbelstichting).

Bijbelboek:    

Hoofdstuk: 1 2 3 4 5 6
Inleiding Bijbelboek
Weergave: Met kanttekeningenParallelZonder kanttekeningenAlleen Bijbeltekst

1 Timotheüs 6

Dit hoofdstuk voorgelezen (m):

 

De plichten der dienstknechten
1 DEa dienstknechten, zovelen als er onder het juk zijn, zullen hun heren alle eer waardig achten, opdat de Naam Gods en de leer niet gelasterd worde. a Ef. 6:5. Kol. 3:22. Tit. 2:9. 1 Petr. 2:18. verwijsteksten
2 En die gelovige heren hebben, zullen hen niet verachten omdat zij broeders zijn; maar zullen hen te meer dienen, omdat zij gelovig en geliefd zijn, als die dezer weldaad mededeelachtig zijn. Leer en vermaan deze dingen.
 
De dwaalleraars en de hebzucht
3 Indien iemand een andere leer leert, en niet overeenkomt met de gezonde woorden van onzen Heere Jezus Christus, en met de leer die naar de godzaligheid is,
4 Die is opgeblazen en weet niets, maar hij raast omtrent twistvragen en woordenstrijd; buit welke komt nijd, twist, lasteringen, kwade nadenkingen, b 1 Tim. 1:4. 2 Tim. 2:23. Tit. 3:9. verwijsteksten
5 cVerkeerde krakelingen van mensen die een verdorven verstand hebben en van de waarheid beroofd zijn, menende dat de godzaligheid een gewin is. Wijk af van dezulken. c 1 Kor. 11:16. verwijsteksten
6 dDoch de godzaligheid is een groot gewin met vergenoeging. d Spr. 15:16. Hebr. 13:5. verwijsteksten
7 eWant wij hebben niets in de wereld gebracht; het is openbaar dat wij ook niet kunnen iets daaruit dragen; e Job 1:21; 27:19. Ps. 49:18. verwijsteksten
8 fMaar als wij voedsel en deksel hebben, gwij zullen daarmede vergenoegd zijn. f Spr. 27:26. g Ps. 55:23. Matth. 6:25. 1 Petr. 5:7. verwijsteksten
9 hDoch die rijk willen worden, vallen in verzoeking en in den strik, en in vele dwaze en schadelijke begeerlijkheden, welke de mensen doen verzinken in verderf en ondergang. h Spr. 11:28. Matth. 13:22. Jak. 5:1. verwijsteksten
10 iWant de geldgierigheid is een wortel van alle kwaad, tot welke sommigen lust hebbende zijn afgedwaald van het geloof, en hebben zichzelven met vele smarten doorstoken. i Ex. 23:8. Deut. 16:19. Spr. 15:16. verwijsteksten
 
De strijd des geloofs
11 kMaar gij, o mens Gods, vlied deze dingen, en jaag na gerechtigheid, godzaligheid, geloof, liefde, lijdzaamheid, zachtmoedigheid. k 2 Tim. 2:22. verwijsteksten
12 lStrijd den goeden strijd des geloofs, grijp naar het eeuwige leven, tot hetwelk gij ook geroepen zijt, en de goede belijdenis beleden hebt voor vele getuigen. l 1 Tim. 1:18. verwijsteksten
13 mIk beveel u voor God, nDie alle ding levend maakt, en voor Christus Jezus, oDie onder Pontius Pilatus de goede belijdenis betuigd heeft, m 1 Tim. 5:21. n Deut. 32:39. 1 Sam. 2:6. o Matth. 27:11. Joh. 18:37. verwijsteksten
14 Dat gij dit gebod houdt, onbevlekt en onberispelijk, tot op de verschijning van onzen Heere Jezus Christus;
15 Welke te zijner tijd vertonen zal pde zalige en alleen machtige Heere, qde Koning der koningen en Heere der heren, p 1 Tim. 1:17. q Openb. 17:14; 19:16. verwijsteksten
16 Die alleen onsterfelijkheid heeft en een ontoegankelijk licht bewoont, rDenwelken geen mens gezien heeft, noch zien kan; Welken zij eer en eeuwige kracht. Amen. r Ex. 33:20. Deut. 4:12. 1 Joh. 4:12. verwijsteksten
 
De plichten der rijken
17 Beveel den rijken in deze tegenwoordige wereld, dat zij niet hoogmoedig zijn, snoch hun hoop stellen op de ongestadigheid des rijkdoms, maar op den levenden God, Die ons alle dingen rijkelijk verleent om te genieten; s Mark. 4:18. Luk. 8:14. verwijsteksten
18 Dat zij weldadig zijn, rijk worden in goede werken, gaarne mededelende zijn en gemeenzaam,
19 tLeggende voor zichzelven weg tot een schat een goed fundament tegen het toekomende, opdat zij het eeuwige leven verkrijgen mogen. t Matth. 6:20. Luk. 12:33; 16:9. verwijsteksten
 
Bewaar het pand. Zegenbede
20 O Timótheüs, bewaar het pand u toebetrouwd, veen afkeer hebbende van het ongoddelijk ijdel roepen en van de tegenstellingen der valselijk genaamde wetenschap; v 1 Tim. 1:4; 4:7. 2 Tim. 2:16. Tit. 1:14; 3:9. verwijsteksten
21 Dewelke sommigen voorgevende, zijn van het geloof afgeweken. De genade zij met u. Amen.

Einde 1 Timotheüs 6