Statenvertaling.nl

sample header image

Spreuken 20 – Statenvertaling

Op deze pagina kunt u de Statenvertaling met kanttekeningen online raadplegen in de editie van de GBS (Gereformeerde Bijbelstichting).

Bijbelboek:    

Hoofdstuk: 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31
Inleiding Bijbelboek
Weergave: Met kanttekeningenParallelZonder kanttekeningenAlleen Bijbeltekst


Spreuken 20

Dit hoofdstuk voorgelezen (v):

 

Niemand is zonder zonde
1 DE wijn is een spotter, de sterke drank is woelachtig; al wie daarin dwaalt, zal niet wijs zijn.
2 aDe schrik eens konings is als het brullen eens jongen leeuws; die zich tegen hem vergramt, zondigt tegen zijn ziel. a Spr. 16:14; 19:12. verwijsteksten
3 bHet is eer voor een man, van twist af te blijven; maar een ieder dwaas zal er zich in mengen. b Spr. 17:14. verwijsteksten
4 Om den winter zal de luiaard niet ploegen; daarom zal hij bedelen in den oogst, maar er zal niets zijn.
5 cDe raad in het hart eens mans is als diepe wateren; maar een man van verstand zal dien uithalen. c Spr. 18:4. verwijsteksten
6 Elkeen van de menigte der mensen roept zijn weldadigheid uit; maar wie zal een recht trouwen man vinden?
7 De rechtvaardige wandelt steeds in zijn oprechtheid; welgelukzalig zijn zijn kinderen na hem.
8 Een koning, zittende op den troon des gerichts, dverstrooit alle kwaad met zijn ogen. d vers 26. verwijsteksten
9 eWie kan zeggen: Ik heb mijn hart gezuiverd, ik ben rein van mijn zonde? e 1 Kon. 8:46. Job 14:4. Ps. 51:7. Pred. 7:20. 1 Joh. 1:8. verwijsteksten
10 fTweeërlei weegsteen, tweeërlei efa is den HEERE een gruwel, ja, die beide. f vers 23. Deut. 25:13. Spr. 11:1. verwijsteksten
11 Een jongen zal ook door zijn handelingen zich bekendmaken, of zijn werk zuiver en of het recht zal wezen.
12 gEen horend oor en een ziend oog heeft de HEERE gemaakt, ja, die beide. g Ex. 4:11. Ps. 94:9. verwijsteksten
13 hHeb den slaap niet lief, opdat gij niet arm wordt; open uw ogen, verzadig u met brood. h Spr. 19:15. verwijsteksten
14 Het is kwaad, het is kwaad, zal de koper zeggen; maar als hij weggegaan is, dan zal hij zich beroemen.
15 Goud is er, en menigte van robijnen, imaar de lippen der wetenschap zijn een kostelijk kleinood. i Spr. 3:14, 15. verwijsteksten
16 kAls iemand voor een vreemde borg geworden is, neem zijn kleed, en pand hem voor de onbekenden. k Spr. 11:15; 27:13. verwijsteksten
17 lHet brood der leugen is den mens zoet, maar daarna zal zijn mond vol van zandsteentjes worden. l Spr. 9:17. verwijsteksten
18 Elke gedachte wordt door raad bevestigd; daarom, voer oorlog met wijze raadslagen.
19 mDie als een achterklapper wandelt, openbaart het heimelijke; vermeng u dan niet met hem die met zijn lippen verlokt. m Spr. 11:13. verwijsteksten
20 nWie zijn vader of zijn moeder vloekt, diens lamp zal uitgeblust worden in zwarte duisternis. n Ex. 21:17. Lev. 20:9. Deut. 27:16. Matth. 15:4. verwijsteksten
21 Als een erfenis in het eerst overhaast wordt, zo zal haar laatste niet gezegend worden. o Spr. 13:11; 28:20. verwijsteksten
22 pZeg niet: Ik zal het kwaad vergelden. Wacht op den HEERE, en Hij zal u verlossen. p Deut. 32:35. Spr. 17:13; 24:29. Rom. 12:17. 1 Thess. 5:15. 1 Petr. 3:9. verwijsteksten
23 qTweeërlei weegsteen is den HEERE een gruwel, en de bedrieglijke weegschaal is niet goed. q vers 10. verwijsteksten
24 rDe treden des mans zijn van den HEERE; shoe zou dan een mens zijn weg verstaan? r Job 31:4. Ps. 37:23; 139:2, 3. s Jer. 10:23. verwijsteksten
25 Het is een strik des mensen dat hij het heilige verslindt, en na gedane geloften onderzoek te doen.
26 Een wijs koning verstrooit de goddelozen, en hij brengt het rad over hen.
27 De ziel des mensen is een lamp des HEEREN, doorzoekende al de binnenkameren des buiks.
28 Weldadigheid en waarheid bewaren den koning, en door weldadigheid ondersteunt hij zijn troon.
29 Der jongelingen sieraad is hun kracht, en tder ouden heerlijkheid is de grijsheid. t Spr. 16:31. verwijsteksten
30 Gezwellen der wonde zijn in den boze een zuivering, mitsgaders vde slagen van het binnenste des buiks. v Spr. 10:13. verwijsteksten

Einde Spreuken 20