Statenvertaling.nl

sample header image

Inleiding Genesis – Statenvertaling

Op deze pagina kunt u de Statenvertaling met kanttekeningen online raadplegen in de editie van de GBS (Gereformeerde Bijbelstichting).

Bijbelboek:    

Hoofdstuk: 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46 47 48 49 50
Inleiding Bijbelboek
Weergave: Met kanttekeningenParallelZonder kanttekeningenAlleen Bijbeltekst


Het eerste boek van Mozes, genaamd Genesis

Inhoud van dit boek

DIT eerste boek van Mozes wordt genaamd met een woord uit de Griekse taal genomen, GENESIS, betekenende Geboorte, of oorsprong, geslacht. Want hierin hebben wij de beginselen (dewelke zijn als geboorten, Gen. 2:4) aller zienlijke en onzienlijke dingen, van God in het begin door Zijn woord uit niet geschapen; en onder deze, des mensen, begiftigd met Gods beeld, gesteld in het paradijs, om gehoorzaam blijvende eeuwiglijk te leven, waarvan de boom des levens hem een zichtbaar teken was. Hier is de reden van de onderhouding van den sabbat, mitsgaders de instelling van het huwelijk. Men vindt hier het beginsel der zonde, des doods, en allerlei ellenden, door de ongehoorzaamheid van Adam en Eva in het eten van de verboden vrucht, als een geweldigen vloed over het gehele menselijke geslacht uitgestort; doch hier is ook de eerste belofte der genade van de verlossing des mensen door het Zaad der vrouw, Dat God uit loutere barmhartigheid geven zou, om den kop der slang (dewelke den mens tot ongehoorzaamheid geraden had) te vermorzelen, de zonde en den dood weg te nemen, en de verloren gaven der gerechtigheid en des levens weder te brengen.
Wij vinden hier het eerste begin der rechte leer, religie en godsdienst, die met die eerste belofte voortgekomen is, en vervolgens van de ware kerk, niet alleen door den dienst van Adam, van Abel (dien Kaïn vermoordde), van Seth, Henoch, Noach, en anderen naarstiglijk vergaderd, maar ook van God tot op Noach toe genadiglijk bewaard. Daartoe zijn in dit boek de beginselen der afvallige Kaïnieten, die met verwerping der waarheid, vervalsing van den godsdienst, en verachting der godvruchtigheid, zich van dat heilig volk afgezonderd, en ten laatste door hun grove zonden en schanden, de straf van den zondvloed, doch met behoud van Noach en de zijnen, over zich gehaald hebben. Vervolgens heeft men hier ook het begin van de herstelling der wereld na de voormelde straf, de afkomst der volken, de eerste belofte van de roeping der heidenen, den aanvang der eerste monarchie, de verdeling der talen, en de eerste geslachtsregisters, dienende tot berekening der tijden en onderscheiding der volken.
Intussen is het voornaamste oogmerk van Mozes aan te wijzen de wederoprichting der kerk, die uit het kleine hoopje van Noachs huisgezin voortgekomen zijnde, nadat zij een tijdlang in het geslacht van Sem was bewaard geweest, eindelijk ook tot afgoderij vervallen is. En hoewel Melchizedek en de zijnen nog een overblijfsel der kerk waren, heeft het nochtans Gode beliefd een zeker geslacht uit de nakomelingen van Sem te verkiezen, hetwelk Hij van alle natiën afgezonderd hebbende tot Zijn eigendom heiligen wilde. Tot dit einde heeft Hij uit loutere genade Abraham met zijn nakomelingen aangenomen, en hem uit Ur in Chaldea, alwaar hij een afgodendienaar was, geroepen in het land Kanaän, hem belovende, boven andere zo lichamelijke als geestelijke zegeningen, dat de Messias uit zijn zaad geboren zou worden; en een verbond met hem makende, hetwelk Hij door het teken der besnijdenis bevestigt. Izak wordt hem geboren, in denwelken hem het zaad genoemd zou worden, en niet in Ismaël, dien hij tevoren uit Hagar gewonnen had, noch in de kinderen die hij na den dood van Sara gewon uit Ketura. Niettemin wordt hem bevolen zijn zoon te offeren; en hoewel God zulks niet laat volbrengen, bewijst hij nochtans zijn gehoorzaamheid, die beloond wordt met de vernieuwing der vorige beloften. Van Izak komt de erfenis der belofte op Jakob, aan wien het recht der eerstgeboorte van God toebescheiden, van Ezau verkocht, en van Izak in zijn zegen toegezegd en bevestigd wordt. Van Jakob komt zij op zijn nakomelingen, gelijk het blijkt uit zijn profetische zegening.
Dit uitverkoren geslacht heeft God doorgaans behouden bij de ware leer en den oprechten godsdienst, geregeerd door Zijn Woord en Geest, beschermd tegen zijn vijanden, geoefend met velerlei kruis, doch daarin getroost door aanspraken, en uitgeholpen door verlossingen. Ondertussen hebben zich de menselijke zwakheden, zelfs in de voornaamsten, bijwijlen geopenbaard, dewelke God hun om des Messias’ wil, Dien zij door een oprecht geloof met ware bekering omhelsden, genadiglijk heeft vergeven. Deze dingen zijn zeer levendig te aanschouwen, zowel in hetgeen Abraham en Izak in Kanaän, in Egypte en Gerar, als Jakob en Jozef in Kanaän, Mesopotamië en Egypte wedervaren is. Eindelijk sterven zij, nalatende zeer voortreffelijke getuigenissen van hun geloof op de beloften Gods, niet alleen op de tijdelijke, rakende de levende nakomelingen, maar ook op de eeuwige, rakende hun stervende personen; welker laatste (van wiens dood in dit boek vermeld wordt) geweest is Jozef, met wiens levenseinde dit boek ook eindigt, begrijpende de historie van meer dan 2300 jaren.

Einde inleiding Genesis